AGENDA
- 14-2: Zutphen, Filmtheater Luxor, 15 uur, (gesprekleider paneldiscussie virtual reality)
- 24-2: Zwolle, Eureka, 20.30 uur (poëzie met Kopwit-collega's)
Direct naar gedichten
AGENDA
- 14-2: Zutphen, Filmtheater Luxor, 15 uur, (gesprekleider paneldiscussie virtual reality)
- 24-2: Zwolle, Eureka, 20.30 uur (poëzie met Kopwit-collega's)
Direct naar gedichten

Het blijft een mooi moment, de eerste keer dat je je naam in druk ziet verschijnen. Het eerste nummer van Tijdschrift Oost met een verhaal van mijn hand erin is uitgekomen. Met een schrijver zijn favoriete plek bezoeken en bespreken wat die plek betekent voor hem. Dat is in het kort het idee van een nieuwe interviewserie die Oost De geliefde plek heeft genoemd. Een paar maanden geleden mocht ik met Hanz Mirck door Park Sonsbeek struinen, en nu is Victor Vroomkoning aan de beurt die met mij over begraafplaats Jonkerbos in Nijmegen wil wandelen. Maar eerst verschijnt over een paar maanden mijn portret van vrijwilligster Jetske Heinhuis van Eureka.
Kiezel uit mijn keel
tikt op tegels
van schrik gebeitelde gezichten.
Wat moet je met een woord
dat niet wil?
Kiezel uit mijn keel
zand in mijn zoen
struikelt over een
van angst versteende tong.
Wat moet ik met een woord
dat niet wil?
Kiezel uit mijn keel
zand in mijn zoen
bol in mijn buik
wringt zich
een weg naar boven.
Wat moet een woord
dat nooit klinken kon?
Kiezel uit mijn keel
zand in mijn zoen
bol in mijn buik
bloemen uit mijn blaren.
Voor Veldpost mocht ik onlangs Ton Luijtens nieuwe bundel Dagbehandeling lezen. Zevenentwintig gedichten waarmee de Zutphense stadsdichter laat zien hoe hij zijn dagen behandelt. En de ander z'n dagen behandelt. Er staan ook zeven actualiteitsverzen in, gemaakt voor radioprogramma Dit is de dag. Prettige, op rijm geschreven columns zijn dat, met zinnen als: wij zijn groepen slecht gezind/ik zwem mijn levensloop als enkeling/maar als ik geen verbinding vind/ben ik een drenkeling (over zwemkampioen Maarten van der Weijden). Het is een genre dat goed past bij Luijtens beschrijvende manier van dichten. Zijn vaak anekdotische werk roept regelmatig een glimlach op. Het zorgt voor een lichtheid die doet denken aan het werk van Simon Carmiggelt. Hij is er ook op z'n sterkst. Uit Weerzien:
Stef die tandarts wilde worden
had veel benul maar weinig idee
bij de Bloemse regels
denkend aan de dood kan ik niet slapen
en niet slapend denk ik aan de dood
was hij in slaap gevallen
Lees de volledige bespreking hier.
Het staat weer in de krant
dat het een vergissing is.
Kolommen roesten
seconden aaneen.
Volle grijze cocon sluipt
niet verder maar
boort,
b
a
r
s
t
.
Nee. Nee!
Barst?
Barst het
hier?
Nu?
het vergissing is.
Zijn mijn soldaatjes binnen
of liggen er straks
kransen op het tapijt?
Seconden roesten
kolommen aaneen.
Verder geen nieuws.
het is.
Omdat een gedicht van mij in het nieuwste nummer van Poëziepuntgl staat, mag ik tijdens de presentatie daarvan in de Zutphense bibliotheek vijf minuten op het podium staan en gedichten voorlezen. Ik ben zins daar voor het eerst ook Zutphen 1944 voor te dragen. Ben nu nog even wat laatste puntjes aan het zetten, dus als u er nog een heeft...
Nee. Barst?
Barst het
hier?
Nu?
het vergissing is.
Zijn mijn soldaatjes binnen
of zakken er straks
kisten op mijn tapijt?
Hartslag loopt op. Klem op je borst. Prikkende oksels. Een gevoel van gejaagdheid. Alert zijn. Moet ik zo opstaan en naar voren lopen? Hoe zal ik ad rem reageren op de vragen van de presentator? Moet ik zo mijn gedichten voordragen? Wordt mijn naam genoemd als een van de genomineerden voor de publieks- en juryprijs van Aan het woord?
Ongeveer honderd mensen zaten zo zondagmiddag te wachten tijdens de prijsuitreiking van de schrijfwedstrijd voor de Achterhoek in de Drufabriek in Ulft. Mijn naam? Werd niet genoemd.
zijn mijn lichten binnen
of staat er straks
een nacht voor de deur
Thee zetten, appel eten, andere stoel uitproberen, naar buiten kijken, thee zetten, aantekeningen ordenen, broodje eten, rokende buurman bekijken, thee zetten; alles om maar niet te hoeven schrijven. Stel je voor dat uitkomt dat ik het toch niet kan. Deze week voor het eerst gewerkt in het Leeuwenhuisje. Als de beeldend kunstenaars Miriam Kemperman en Michael Beer er zijn niet, kan ik er in alle rust schrijven. Nou ja, rust. Eerst nog even afrekenen met het idee dat iedereen op weg naar school of station tijd heeft om te kijken naar wat ik daar aan het doen ben. Daarna in de laatste drie kwartier toch nog opgeschoten met mijn gedicht over het vergissingsbombardement op Zutphen op 14 oktober 1944. Regelmatig hier een fragment. En: laat je horen, daar of hier.
Uit de gewone hoek
bromt de cocon
van vrijheid
deze keer
niet over
maar
door
.
b
a
r
s
t
.